DDT

Je kunt het geloven of niet.

Meer dan 55 jaar geleden werd het onzalige “wonder” middel D.D.T. verbannen naar de derdewereld landen, waar het tot op vandaag nog steeds gebruikt wordt om ongedierte mee te verdelgen.

Ook in ons land was men na de tweede wereldoorlog enthousiast over de uitwerking van het lichtgrijze poeder. Had je hoofdluis? Geen probleem, je hoofd werd er royaal mee ingesmeerd. Vlooien op de vloer of in bed? Ook dan werd er gestrooid door het huis.

Wat men echter niet in de gaten had was dat de D.D.T., voluit Dichloordifenyltrichloorethaan, via de huid of de mond het lichaam binnen kwam op verschillende manieren. Op onze groente, fruit en niet te vergeten onze aardappelen.
Dat gaf kwalijke gevolgen. Mensen en dieren werden ziek of gingen dood.
Men besloot D.D.T. te verbieden. Alles moest ingeleverd worden. Niet iedereen was het daar echter mee eens want het hielp zo goed bij de bestrijding van ongedierte. Het gevolg was natuurlijk dat er zo hier en daar in de schuur nog wat overbleef.

Waarom moet je hier nu nog over schrijven?
Het is toch al meer dan 55 jaar geleden dat D.D.T. gebruikt werd?

Dat is waar, maar de gevolgen zijn er zonder meer nog steeds!
Er kwam een man in de praktijk die al meer dan 25 jaar een loopneus had.
Hij was door de Amerikanen na de oorlog en de bevrijding “behandelt” met D.D.T. vanwege alle vlooien en luizen. Deze man werd met de VEGATEST uitgetest en er zijn ongeveer tussen de 3000 en 4000 verschillende stoffen getest. Er kwam niets uit.
In gedachte houdend dat het menselijk lichaam altijd probeert zich op de een of andere manier te ontdoen van wat het niet gebruiken kan moest er een andere oorzaak zijn. Kijkende naar de echt aparte dingen op mijn plank stond daar het poeder D.D.T. van jaren geleden, wat ik ooit kreeg van een boerin. Toen nog niet wetende dat deze man al die jaren geleden met D.D.T. behandeld was. Dit kwam later pas aan het licht.

In de eerste instantie denk je dan: “dat kan toch niet waar zijn”. Maar naar herhaaldelijk meten kwam het er toch uit.

Er werd hem verteld dat hij vermoedelijk te maken had met een D.D.T. vergiftiging, waarop deze meneer vertelde wat er na de oorlog gebeurd was.
Er werd hem een homeopathische ontgiftingskuur voorgeschreven van de veroorzaker zelf voor 6 weken. Toen hij terug kwam voor controle was zijn probleem verdwenen.

Men had in het ziekenhuis nooit kunnen ontdekken waar het vandaan kwam. Hij moest er maar mee leren leven.

Door ervaring wijzer, worden nu alle personen getest op D.D.T.
Wat is nu de clou van dit verhaal?
Het is weer het oude liedje, een mesenchymale toxische belasting.

Het lichaam houdt deze gifstoffen vast en heeft niet de capaciteit dit het systeem uit te werken.
De symptomen zijn vrijwel identiek aan die van een voedselvergiftiging met salmonella’s of die van de ziekte van Lyme en andere vormen van vergiftiging.
In Vitro niet bewijsbaar.

Waarop vervolgens de sfeer vaste regel gehanteerd wordt: wat in een laboratorium niet vastgesteld kan worden bestaat niet. Punt uit.
Wij denken toch dat die stelregel niet voor alles opgaat. Maar ja, dat is onze mening.

Peter Anton Gouweleeuw